Uitwijkplaats bord: wat het betekent en wat je moet doen

Het uitwijkplaats bord (officieel verkeersteken L20) geeft aan dat er rechts van de weg een verbreding is waar je je auto tijdelijk kunt neerzetten om een tegenligger te laten passeren. Je ziet dit bord vooral op smalle wegen in het buitengebied, waar twee auto’s naast elkaar rijden simpelweg niet past.

Wat het uitwijkplaats bord precies aangeeft

Het bord L20 is een rechthoekig blauw bord met een witte afbeelding van een weg met een uitstulping aan de rechterkant. Die uitstulping stelt de uitwijkplaats zelf voor. Het bord staat altijd vlak vóór of bij de uitwijkplaats, zodat je op tijd weet dat je daar ruimte hebt om te stoppen.

De uitwijkplaats is geen rijstrook en ook geen parkeerplaats. Het is een strook verharding of aangestampte ondergrond naast de rijbaan, breed genoeg voor één auto. Je rijdt er even in, zet de auto stil en laat de tegenligger doorrijden. Daarna rij je gewoon verder.

Wanneer moet je de uitwijkplaats gebruiken?

Op een smalle weg waar twee voertuigen elkaar niet kunnen passeren, geldt een simpele vuistregel: wie het dichtst bij een uitwijkplaats is, rijdt daarnaar toe. Ben jij degene die het meest nabij de uitwijkplaats staat, dan wijk jij uit. De tegenligger rijdt door zodra jij vrij staat.

In de praktijk betekent dit dat je soms al van verre moet inschatten wie het dichtst bij een uitwijkplaats rijdt. Zie je een tegenligger aankomen en staat het bord net achter jou, dan is het slim om rustig achteruit te rijden naar de uitwijkplaats in plaats van door te rijden en elkaar halverwege te blokkeren.

Grote voertuigen zoals vrachtwagens, bussen en landbouwmachines hebben voorrang boven personenauto’s op smalle wegen. Als bestuurder van een personenauto wijk jij in zo’n geval altijd uit, ook als de uitwijkplaats aan de andere kant van de weg ligt.

Waar vind je dit bord?

Het uitwijkplaats bord kom je bijna uitsluitend tegen op smalle plattelandswegen, bospaadjes met verharding, dijkwegen en kleine verbindingswegen tussen dorpen. Denk aan wegen in Friesland, Zeeland of de Veluwe waar de rijbaan soms maar drie meter breed is. In steden of op provinciale wegen met twee rijstroken is het bord overbodig en kom je het dan ook niet tegen.

Op sommige wegen staan meerdere uitwijkplaatsen op regelmatige afstanden, zodat je nooit te lang hoeft te wachten of achteruit te rijden. Hoe meer verkeer er op zo’n weg is, hoe vaker uitwijkplaatsen voorkomen.

Uitwijkplaats bord: wat mag je er niet doen?

Een uitwijkplaats is niet bedoeld om te parkeren, te stoppen voor een picknick of je telefoon te checken. Je gebruikt hem alleen om een tegenligger door te laten. Daarna verlaat je de uitwijkplaats zo snel als dat veilig kan. Lang blijven staan blokkeert de plek voor anderen die hem echt nodig hebben.

Let ook op de ondergrond. Sommige uitwijkplaatsen zijn half verhard of bestaan uit gras of grind. Rij er rustig in en uit om te voorkomen dat je vast komt te zitten, zeker bij nat weer.

Zie je het uitwijkplaats bord maar geen duidelijke verbreding, dan is de uitwijkplaats mogelijk slecht zichtbaar door begroeiing of niet goed onderhouden. In dat geval is het verstandig om gewoon langzaam te rijden en de tegenligger met een handgebaar te laten weten waar jij stopt.

Kort samengevat: het bord L20 vraagt je om even geduld te hebben en gebruik te maken van de aanwezige ruimte. Op smalle wegen is dat de meest veilige en fatsoenlijke manier om elkaar te passeren zonder gedoe of beschadigingen aan je auto.

Scroll naar boven