Als het remvloeistof lampje brandt, betekent dat bijna altijd dat het niveau van de remvloeistof in het reservoir te laag is. Het lampje is rood en heeft de vorm van een cirkel met haakjes aan de zijkanten, soms met een uitroepteken erin. Brandt het terwijl je rijdt? Stop dan zo snel mogelijk veilig aan de kant. Rijden met te weinig remvloeistof is gevaarlijk, want je remmen kunnen uitvallen.
Wat het remvloeistof lampje precies aangeeft
Het lampje waarschuwt je dat het niveau in het remvloeistofreservoir onder de minimumgrens is gezakt. Dat reservoir zit onder de motorkap, meestal aan de bestuurderszijde, en heeft een transparante wand met een MIN- en MAX-markering. Is het niveau onder de MIN-streep? Dan springt het lampje aan.
Er zijn twee mogelijke oorzaken. De eerste is gewone slijtage van je remblokken. Als remblokken dunner worden, zakt de vloeistof iets in het systeem, waardoor het niveau daalt. Dat is normaal en geen reden tot paniek, maar wel een teken dat je remmen binnenkort nagekeken moeten worden. De tweede oorzaak is een lekkage in het remsysteem. Dat is een stuk serieuzer. Remvloeistof hoort namelijk een gesloten systeem te zijn; bij een gewone, goed werkende auto verlies je er eigenlijk nauwelijks van.
Wanneer direct stoppen en niet verder rijden
Brandt het lampje rood terwijl je rijdt en voelt het rempedaal anders dan normaal (soepeler, dieper of weinig weerstand)? Stop dan meteen op een veilige plek en rij niet verder. Bel in dat geval de wegenwacht. Een zacht of diep rempedaal is een teken dat er lucht in het remsysteem zit of dat de vloeistof zo laag staat dat de remmen niet meer goed werken. Dat is een acuut veiligheidsrisico.
Brandt het lampje maar voelt het rempedaal normaal aan? Dan heb je waarschijnlijk wat meer tijd, maar ook dan moet je zo snel mogelijk naar een garage. Rij niet langer dan nodig met een brandend remvloeistof lampje rond.
Remvloeistof bijvullen: zo doe je dat
Is het niveau net iets onder de MIN-streep en verdenk je geen lekkage? Dan kun je zelf remvloeistof bijvullen. Gebruik altijd het type dat in je autohandboek staat, meestal DOT 4. Gebruik nooit een verkeerd type; de vloeistoffen zijn niet altijd mengbaar en kunnen het remsysteem beschadigen.
- Zet de auto op een vlakke ondergrond en zet de motor uit.
- Open de motorkap en zoek het remvloeistofreservoir (klein, transparant, met een gele of zwarte dop).
- Reinig de dop en de omgeving voor je hem opendraait, zodat er geen vuil in de vloeistof valt.
- Vul bij tot de MAX-streep, maar niet hoger.
- Schroef de dop er goed op en sluit de motorkap.
Let op: remvloeistof is bijtend. Vermijd contact met je huid en lak, en gooi resterende vloeistof niet zomaar weg. Lever het in als chemisch afval bij een milieustraat.
Na het bijvullen: blijft het lampje branden?
Gaat het lampje na het bijvullen uit en blijft het daarna uit? Dan was waarschijnlijk de slijtage van je remblokken de oorzaak. Laat die blokken dan snel controleren bij een garage. Brandt het lampje binnen korte tijd weer, of gaat het helemaal niet uit? Dan is er hoogstwaarschijnlijk een lekkage. Ga in dat geval niet zelf bijvullen en rijden, maar laat de auto slepen naar een garage. De ANWB adviseert bij een aanhoudend rood remlampje de wegenwacht in te schakelen en niet verder te rijden.
Een brandend remvloeistof lampje negeren is nooit slim. De kosten van bijvullen of nieuwe remblokken zijn klein vergeleken met de gevolgen van falende remmen onderweg.



