Autotekens zijn de symbolen en pictogrammen die je ziet op je dashboard, in je instrumentenpaneel of op de buitenkant van je auto. Ze geven je informatie over de staat van je voertuig, waarschuwen je bij een storing of vertellen je wanneer je actie moet ondernemen. De meeste autotekens zijn internationaal gestandaardiseerd, maar de precieze betekenis en kleur kunnen per merk en model verschillen.
Veel mensen negeren een brandend lampje totdat het te laat is. Dat is begrijpelijk, want niet elk symbool vraagt om directe actie. Maar sommige tekens vragen dat wel. In dit artikel krijg je een helder overzicht van de meest voorkomende autotekens, wat ze betekenen en wanneer je iets moet doen.
Wat de kleur van autotekens je vertelt
Voordat je kijkt wát er brandt, is de kleur al een eerste signaal. Autotekens werken met een kleurencode die vergelijkbaar is met een verkeerslicht:
- Rood: direct stoppen of actie ondernemen. Er is een serieus probleem dat schade kan veroorzaken aan de auto of gevaar voor de inzittenden.
- Oranje/geel: let op. Er is iets dat aandacht nodig heeft, maar je kunt meestal nog doorrijden naar een garage.
- Groen: een systeem is actief. Denk aan de richtingaanwijzer of de cruisecontrol. Geen reden tot zorg.
- Blauw: informatie. Het bekendste blauwe lampje is het grootlicht-symbool.
- Wit: ook informatief, komt minder vaak voor maar wordt in modernere auto’s steeds vaker gebruikt.
Een rood lampje dat brandt terwijl je rijdt, is nooit iets om te negeren. Stop op een veilige plek en controleer wat er aan de hand is.
De meest voorkomende autotekens uitgelegd
Hieronder staan de symbolen die je het vaakst tegenkomt, met een korte uitleg van wat ze betekenen en wat je moet doen.
| Symbool | Naam | Kleur | Wat het betekent |
|---|---|---|---|
| Motorblok met uitroepteken | Motorstoring (engine warning) | Oranje/rood | Er is een fout gedetecteerd in de motor of het uitlaatsysteem. Laat uitlezen bij een garage. |
| Oliekan | Oliedrukwaarschuwing | Rood | De oliedruk is te laag. Stop direct en controleer het oliepeil. Doorrijden kan de motor beschadigen. |
| Thermometer in vloeistof | Motortemperatuur | Rood | De motor wordt te heet. Stop, zet de motor uit en laat afkoelen. |
| Accu | Laadwaarschuwing | Rood | De accu laadt niet op. Controleer de dynamo en de accukabels. Schakel onnodige verbruikers uit. |
| Brandstofpomp | Lage brandstof | Oranje | De tank is bijna leeg. Bij de meeste auto’s heb je nog 50 tot 80 kilometer te rijden, maar dit varieert sterk. |
| Uitroepteken in cirkel | Remwaarschuwing of bandenspanning | Rood of oranje | Rood: de handrem staat aan of er is een remprobleem. Oranje: de bandenspanning is te laag. |
| Slingerende auto | ESP/stabiliteitssysteem actief | Oranje (knipperend) of groen | Knipperend: het systeem grijpt in. Continu brandend: het systeem is uitgeschakeld of heeft een storing. |
| Auto met slotje | Immobilizer/startbeveiliging | Rood of geel | De auto herkent de sleutel niet of de startbeveiliging is actief. Probeer de sleutel opnieuw. |
| Airbag-symbool | Airbagstoringen | Rood of oranje | Er is een probleem met het airbag- of gordelspannersysteem. Laat dit zo snel mogelijk controleren. |
| Sneeuwvlok | IJswaarschuwing | Blauw of oranje | De buitentemperatuur is gedaald tot onder 4 graden Celsius. Pas op voor gladheid. |
Autotekens die mensen vaak verwarren
Een paar symbolen zorgen regelmatig voor verwarring, omdat ze op elkaar lijken of meerdere betekenissen hebben.
Het uitroepteken in een cirkel (bandenspanningssensor, ook wel TPMS) lijkt op het rempictogram. Het verschil zit in de details: het TPMS-symbool toont een dwarsdoorsnede van een band onder het uitroepteken, het remsymbool heeft een kapitale P of een cirkelvorm met pijltjes. Als je niet zeker weet welk symbool brandt, raadpleeg dan het instructieboekje van je auto. Dat staat ook digitaal beschikbaar via de website van je automerk.
Het ESP-lampje (slingerende auto) wordt ook vaak aangezien voor een storing, terwijl het bij gladheid of scherpe bochten gewoon knippert om aan te geven dat het systeem werkt. Pas als het lampje continu brandt zonder dat je slingert, is er mogelijk iets mis.
Autotekens op de buitenkant van de auto
Autotekens zijn niet alleen voor het dashboard. Op de carrosserie, het kenteken en de ramen vind je ook symbolen met een betekenis. Denk aan:
- Het bandenprofiel-symbool op banden zelf (TWI-markering): geeft aan waar de slijtageindicator zit. Staat het profiel gelijk aan deze markering? Dan is de band aan vervanging toe (wettelijk minimum in Nederland: 1,6 mm).
- E-markering op autolampen en ruiten: dit geeft aan dat het onderdeel is goedgekeurd volgens Europese veiligheidsnormen.
- Pijlen op de band: sommige banden zijn directioneel en mogen maar op één manier gemonteerd worden. De pijl geeft de rijrichting aan.
Wanneer moet je direct stoppen?
Rood is altijd de hoogste prioriteit. De volgende autotekens vragen om directe actie en mag je nooit negeren:
- Oliedrukwaarschuwing (rode oliekan): stop zo snel mogelijk veilig. Doorrijden kan de motor in korte tijd onherstelbaar beschadigen.
- Motortemperatuur te hoog (rode thermometer): ook hier direct stoppen. Een overkokende motor kan leiden tot een gebarsten cilinderkop, een kostbare reparatie.
- Remwaarschuwing in rood: als de handrem niet aanstaat, kan dit betekenen dat er een remvloeistoflek is. Rijden met slecht functionerende remmen is gevaarlijk.
Oranje lampjes kun je in de meeste gevallen nog even aanhouden tot aan de garage, maar plan die afspraak wel snel. Sommige systemen (zoals de motorstoring) kunnen bij langdurig negeren leiden tot hogere reparatiekosten.
Twijfel je over een symbool



