Richtingsborden zijn borden die je de weg wijzen naar een specifieke bestemming, locatie of route. Je kent ze van de snelweg, maar ook op campings, vakantieparkterreinen en in steden sturen richtingsborden bezoekers naar de juiste plek. Ze zijn er in allerlei vormen: van grote groene snelwegborden tot kleine houten pijltjes op een bungalowpark.
Wat zijn richtingsborden precies?
Een richtingsbord geeft met een pijl, een naam of een pictogram aan welke kant je op moet. Het onderscheidt zich van een verkeersbord door zijn primaire doel: niet een gebod of verbod, maar een routeaanwijzing. Op de openbare weg vallen richtingsborden onder de officiële bewegwijzering, die in Nederland door Rijkswaterstaat en gemeenten wordt beheerd en aan vaste normen moet voldoen. Op privéterreinen, zoals een vakantiepark, beslist de eigenaar zelf over de indeling en uitstraling van de borden.
Een mooi historisch voorbeeld is vakantieoord Hoogwolde in Nunspeet. Daar hangen richtingsborden naar 25 verschillende vakantiehuisjes op het terrein, een systeem dat al in 1938 werd ingevoerd. Zo’n bordenstelsel op een park laat goed zien hoe richtingsborden ook buiten het openbare verkeer hun werk doen: bezoekers en gasten vinden snel hun huisje zonder verdwaald te raken op een groot terrein.
Soorten richtingsborden
Richtingsborden zijn er in heel verschillende uitvoeringen, afhankelijk van de locatie en het doel.
- Verwijsborden op de snelweg: grote groene of blauwe borden met witte letters, vaak op een portaal boven de rijbaan. Ze tonen plaatsnamen, afstanden en afritnummers.
- Stedelijke richtingsborden: kleinere borden op palen in de stad, vaak met afstanden in meters of loopminuten naar bezienswaardigheden, parkeergarages of openbaar vervoer.
- Fiets- en wandelrouteborden: de bekende ANWB-paddenstoel voor fietsers, of houten palen met gekleurde stickers voor wandelroutes.
- Terreinborden op parken en campings: interne bewegwijzering die gasten naar specifieke huisjes, sanitaire voorzieningen of receptie leidt.
- Tijdelijke richtingsborden: bij evenementen, wegwerkzaamheden of omleidingen geplaatste borden die na afloop weer verdwijnen.
Materiaal en uitstraling
De meeste richtingsborden op de openbare weg zijn gemaakt van aluminium of staal met een reflecterende folie. Die folie zorgt ervoor dat koplampen het bord ’s nachts oplichten zonder dat er extra verlichting nodig is. Op natuurgebieden en vakantieparken kies je vaker voor hout of cortenstaal, omdat dat beter past bij de omgeving. Hout vraagt wel meer onderhoud: lak of beits houdt het materiaal beschermd tegen regen en zon.
De kleur en het lettertype op officiële borden in Nederland zijn vastgelegd in de CROW-richtlijnen. Snelwegen gebruiken groen, regionale wegen blauw en lokale bestemmingen wit. Die standaardkleuren helpen bestuurders om in één oogopslag te begrijpen op welk type route ze zitten.
Waar moet een goed richtingsbord aan voldoen?
Of het nu op de openbare weg staat of op een privéterrein, een richtingsbord werkt alleen als het aan een paar basisvoorwaarden voldoet.
- Leesbaarheid: groot genoeg lettertype voor de rijsnelheid of loopsnelheid van de gebruiker. Op een snelweg (100 km/u) moeten letters al van ver leesbaar zijn; op een camping (looptempo) kan het kleinschaliger.
- Duidelijke pijlrichting: de pijl wijst precies de kant op die je moet nemen, zonder twijfel over schuinrechts of rechtvoor.
- Juiste plaatsing: het bord staat voor het punt waar je moet afslaan, niet erna. Te laat geplaatste borden leiden tot gevaarlijk remmen of missen van de afslag.
- Onderhoud: beschadigde, verkleurde of overgroeid geraakte borden verliezen snel hun functie. Regelmatige controle is nodig.
Richtingsborden op eigen terrein plaatsen
Wil je op een privéterrein, een bedrijfspark of een camping richtingsborden neerzetten? Dan ben je vrij in vorm en materiaal, zolang de borden geen verwarring wekken met officiële verkeersborden. Gebruik je bijvoorbeeld exact hetzelfde groen en wit als een snelwegbord, dan kan dat als misleidend worden beschouwd. Kies daarom bij voorkeur een eigen stijl die aansluit bij de uitstraling van het terrein.
Een handig vertrekpunt is een plattegrond van het terrein maken en de logische looproutes bepalen voordat je borden bestelt. Zet borden op elke plek waar een bezoeker een keuze moet maken: bij een kruising, een parkeerplaats of een splitsing van paden. Hoeveel borden je nodig hebt, hangt af van de grootte van het terrein. Op een park met 25 huisjes, zoals Hoogwolde, heb je al snel tientallen bordpanelen nodig om elke locatie goed te ontsluiten.
Richtingsborden lijken vanzelfsprekend, maar een slecht gepland systeem leidt snel tot frustratie bij bezoekers. Een korte test met iemand die het terrein niet kent, laat meteen zien waar gaten zitten. Zo investeer je één keer goed in een systeem dat daarna jarenlang zijn werk doet.



